Even laden…
Even laden…
119 hondenrassen naast elkaar: zoek, filter en vergelijk op wat er echt toe doet — karakter, verzorging en gezondheid.
24 van 119 rassen getoond
*“Hypoallergeen” betekent minder allergenen, niet nul — test bij allergie altijd eerst langdurig contact. Gezondheidsinfo per ras is indicatief en vervangt geen dierenartsadvies.
Elk ras in deze gids heeft eigen scores van 1 tot 5 op zeven kenmerken: energie (hoeveel beweging vraagt dit ras per dag), trainbaarheid (hoe makkelijk leert het voor een gemiddelde baas), vachtverzorging en verharen (borstel- en trimwerk versus haaruitval — dat zijn twee verschillende dingen), kindvriendelijkheid, appartement-geschiktheid en blafniveau. De scores zijn door onszelf ingevoerd, met de rasstandaarden van de FCI en de Raad van Beheer als referentie voor de feitelijke kenmerken. Ze beschrijven het rasgemiddelde: binnen elk ras bestaan rustige en drukke individuen, en bij kruisingen kan elk kenmerk per pup verschillen.
Let bij het vergelijken vooral op de combinatie die bij jouw leven past, niet op één losse score. Een hoge energie-score is geen minpunt — voor een hardloper is het juist een pluspunt. En een laag blafniveau klinkt aantrekkelijk, maar een waakse hond is voor sommige gezinnen precies de bedoeling.
De grootteklasse is meer dan een maat. Kleine rassen leven gemiddeld langer (mini’s halen regelmatig 13 tot 16 jaar, reuzenrassen vaak maar 8 tot 10), kosten minder aan voer en passen makkelijker in een appartement — maar zijn kwetsbaarder bij jonge kinderen. Grote rassen zijn vaak stabieler en kindvriendelijker, maar vragen meer ruimte, meer voer en een lagere belasting tijdens de groei. Wil je weten hoe groot je pup wordt? De pup-formaat voorspeller rekent het uit, en de maten-calculator vertaalt het naar bench-, tuig- en halsbandmaten.
Elk rasprofiel noemt de gezondheidsaandachtspunten die bij dat ras horen — van heupdysplasie bij grote rassen tot ademproblemen (BOAS) bij kortsnuiten en rugproblemen bij de teckel. Dat doen we niet om rassen af te raden, maar omdat een geïnformeerde keuze begint bij weten waar je op moet letten. Vraag een fokker áltijd naar de gezondheidstesten van de ouderdieren; een goede fokker laat ze trots zien. Deze informatie is indicatief en vervangt geen dierenartsadvies — met vragen over een specifieke hond kun je altijd bij je eigen dierenarts terecht.
De klassieke twijfelgevallen hebben een eigen pagina, met de verschillen die je dagelijks gaat merken:
De rasselector is een quiz die vanuit jouw situatie redeneert: je beantwoordt negen vragen en krijgt rassen die passen. Deze rassengids werkt andersom: jij bladert en vergelijkt zelf, bijvoorbeeld om een ras dat je op het oog hebt eerlijk te leren kennen. Samen zijn ze het sterkst — check een quiz-match hier op de details.
Ja: elke raskaart heeft een ⚖️-knop waarmee je twee of drie rassen in één vergelijkingstabel zet — grootte, levensverwachting, alle zeven scores, hypoallergeen en gezondheid naast elkaar. De vergelijking heeft een eigen deelbare link, dus “labrador of golden retriever?” beslecht je voortaan met één appje.
De labrador en golden retriever voeren de lijstjes al jaren aan, met de Duitse herder, franse bulldog, chihuahua, teckel en de doodle-kruisingen daar vlak achter. Populair betekent alleen niet automatisch passend: juist bij populaire rassen is de fokkerij wisselend van kwaliteit, dus kies extra kritisch.
Nee — de FCI erkent ruim 350 rassen, maar veel daarvan kom je in Nederland zelden tegen. Wij richten ons op de 118 rassen en kruisingen die hier écht rondlopen, inclusief Nederlandse erfgoedrassen zoals het kooikerhondje, de stabijhoun en de Drentsche patrijshond — plus de kruising/asielhond als eigen categorie, want ook rasloos is een uitstekende keuze.
Nee. Scores beschrijven het rasgemiddelde; opvoeding, socialisatie en de individuele hond bepalen de rest. Gebruik ze als startpunt en leer je eigen hond kennen — de persoonlijkheidstest is daar een speelse eerste stap voor.
Vind je deze tool handig?
Deel hem met andere hondenbaasjes — gratis is om door te geven.